Naar vorige pagina. DE KLEINE MENEER MET HET GROTE HOOFD

'Ga je maar gauw even opmaken,' zegt Jette, 'want ik vind je zo niet zo mooi.'
Nou ja, daar kan ik het weer mee doen op de vroege ochtend.
Ik sta er niet echt van te kijken, want ze heeft gewoon gelijk. Mijn ochtendhoofd is er inderdaad niet één om op de cover van een damesblad te zetten, maar daar heb ik best mee leren leven. 'Ik ben in elk geval wel een ontzettend aardige moeder,' zeg ik tegen mijn kritische dochter. 'Vind je ook niet?'
'Ja hoor,' zegt ze goedig.

Het is bekend: kinderen zijn érg direct. Denken en zeggen gaat bij hen in één moeite door. Niet gehinderd door aangeleerde beleefdheden verkennen ze de wereld. Enthousiast (en luidruchtig) maken ze melding van een mevrouw in een wandelwagen en een meneer met een kaal hoofd. 'Kijk mam, net een bal.'
Vorige week stonden we in de rij achter een lange, magere en onzekere jongen, die volgens Anne geen billen in zijn broek had. 'Tuurlijk wel,' zei ik opgewekt, in een poging de zaak wat te verluchtigen. 'Je ziet ze alleen niet.'
Zoals ik al zei: ik kijk er niet echt meer van op, en over het algemeen kan ik de zaak nog best enigszins redden. Maar vanmiddag lukte dat niet…

Het is vier uur als ik samen met de kinderen in de rij bij de bank sta. Al na een halve minuut heb ik daar onvoorstelbaar veel spijt van, want de kinderen hebben een liliputter voor het loket ontdekt. 'Moet je kijken, mam!' roept Jette met haar schelle stem. 'Een kind-meneertje!'
'Nee,' zeg ik gedempt. 'Dat is geen kind-meneertje, dat is gewoon een meneer.'
Maar dat kán gewoon niet waar zijn in hun ogen. 'Nee hoor, kijk maar. Hij staat op zijn tenen.'
'Kom eens hier,' zeg ik geschokt, terwijl ik op mijn hurken ga zitten. 'Ik zal je iets vertellen. Die meneer is niet gegroeid en daarom is hij klein, maar het is echt gewoon een menéér.
Maar het helpt niets. Integendeel, het wordt alleen maar erger: 'Heeft-ie niet genoeg gegeten dan?'
Een paar mensen voor mij kijken besmuikt lachend om. Persoonlijk zou ik liever een potje gaan huilen, maar ik leg zo rustig mogelijk uit dat de meneer wél genoeg gegeten heeft, maar dat er op de een of andere manier iets fout is gegaan, waardoor hij niet meer kon groeien.
Met weerzinwekkende preciezie stelt Jette vast dat zijn hoofd anders wél gegroeid is.

Op dat moment verlaat de meneer zonder blikken of blozen het gebouw. Ik hoop vurig dat het debat met mijn dochters aan hem voorbij is gegaan, maar ik vrees dat dat niet helemaal het geval zal zijn geweest. Bovendien ben ik bang dat het bepaald niet de enige keer geweest zal zijn dat deze man met de onschuldige, maar genadeloze eerlijkheid van kleine kinderen geconfronteerd werd. En mocht u - meneer - dit stukje ooit lezen, dan wil ik bij deze zeggen:
Het spijt me erg voor u, maar ik blijf mijn best doen.

Centraal Weekblad - april 1992
Anne en Jette vier (en een half) jaar.


Naar column archief Naar vorige pagina.

 
 
Jette em Anne op het strand

Jette en Anne

Jette

Anne, Marianne en Jette

Anne en Jette in rubberboot

Anne en Jette