VAKANTIE-STRESS

We hadden het allemaal zo leuk bedacht. Dit jaar moest het absoluut anders. We zouden een minimale hoeveelheid aan kleding meenemen. En dat niet alleen. We zouden tijdig (zéér tijdig) beginnen met pakken, zodat we niet meer zo gestresst op vakantie zouden gaan.
En zo gebeurde het. Twee weken voor vertrek stonden er drie koffers geopend klaar op onze slaapkamer. Ik maakte keurig vijf stapeltjes op het bed. Drie voor de kinderen en twee voor ons.
Het voornemen was om me dit jaar alleen op strandkleding te richten. Veel meer draag je tenslotte niet in Spanje. Ron was er erg mee in zijn sas. Vooral omdat de lijst van artikelen die verder nog mee moesten omvangrijk, tot zeer omvangrijk te noemen was. Die bedroeg drie A4’tjes. Maar met deze bescheiden hoeveelheid kleding zou dat allemaal beslist mee moeten kunnen, volgens mijn echtgenoot.

Wat er in die twee weken voor vertrek gebeurd is, is achteraf niet meer helemaal duidelijk. In elk geval moet ik voortdurend bevangen zijn geweest door twijfels. Zouden vijf shirtjes per persoon echt genoeg zijn voor drie weken? En moesten er misschien niet een paar hemdjes bij? Bovendien, de strandmode stroomde de winkels binnen, en daar zaten erg leuke dingen bij. Kortom: er ging geen dag voorbij of ik voegde nog iets aan de diverse garderobes toe. De avond voor vertrek moest ik op de koffers gaan zitten, voordat Ron ze zuchtend dicht kreeg.

En dan is het zover: de vliegreis is voorbij en we betrekken ons appartement. Wat al snel opvalt is: onwaarschijnlijk veel spullen, en weinig kastruimte. Ongelovig bekijk ik de hoeveelheden die er uit drie koffers te voorschijn komen. Ik schaam me dood. Ten eerste omdat we aan werkelijk álles gedacht blijken te hebben, behalve aan de lievelingsbeer van Liselotje (die hartstochtelijk in haar bedje ligt te huilen), en ten tweede omdat de helft van de wereld het moet doen met bijna niks, terwijl deze volksverhuizing dus voor drie weken bedoeld is. Er zit niets anders op dan een deel van de garderobe op de grond te leggen. Na een week zijn de keurige stapeltjes veranderd in ordeloze hopen, waarin het moeizaam zoeken is, en waar je met veel geluk nog wat ‘glads’ uit kunt vissen. Maar dat geeft niet. We dragen toch steeds hetzelfde. Want hoe langer een mens op vakantie is, hoe gemakkelijker hij wordt.

‘Op de terugreis zal het veel beter gaan met de koffers,’ meldt Ron. ‘Dan heeft Liselotje alle groente-potjes en de melkblikken verorberd, en dan zijn de pakken Hollandse koffie, de pakjes vlees en de stukken kaas op.
En natuurlijk, dat zou enorm moeten schelen. Ware het niet dat we nogal wat tweedehands boeken in Spanje hebben aangeschaft. En Spaanse bloempotten. En leuke Spaanse bingo-cadeautjes voor kinderpartijtjes. En een opblaasbadje voor Liselotje. En…
Uiteindelijk blijken we de bus naar het vliegveld alleen maar te kunnen halen als we een aantal dingen achterlaten in het appartement. Het kan er allemaal écht, écht niet meer bij. Supergestresst belanden we uiteindelijk in de bus die ons naar het vliegveld zal brengen.
Stommerds zijn we. Grote stommerds! En wéér besluiten we verbeten dat we het volgend jaar opnieuw anders moeten doen. Want zó wensen we het nooit meer mee te maken!
Eén troost, met de beer van Liselotje kan niets meer misgaan. Die ligt gelukkig nog veilig thuis op de commode te wachten. Wat zal ze blij zijn straks!

Centraal Weekblad – juli 1994
(Anne en Jette 6 jaar, Liselotte 1 jaar)

Naar column archief Naar vorige pagina.

 
 
De 1-jarige Lotje met mama

 
De 1-jarige Lotje met mama

 

  

Bij trotse Jette op schoot


Bij trotse Jette op schoot

 

   
Ondanks het gemis van haar beer toch nog 'zingend' in de buggy


Ondanks het gemis van haar beer toch nog 'zingend' in de buggy